Suzuki

“Sound is living soul…”

Ieder kind heeft talent, de aanleg om vaardigheden te leren.
Ieder kind kan viool leren spelen, als de omgeving de goede positieve ondersteuning biedt. Dit is het belangrijkste gegeven van de Suzuki methode. Muziek is als een taal die ons omringt.Ieder kan het begrijpen, onafhankelijk van leeftijd, herkomst of intelligentie. We communiceren door middel van muziek.

Shinichi Suzuki realiseerde zich in de jaren ’30 van de vorige eeuw dat ieder Japans kind al op jonge leeftijd vloeiend Japans spreekt. Hij concludeerde dat dit kwam doordat het kind de geluiden van de taal dagelijks om zich heen hoorde, en een grote drang voelde zijn ouders te imiteren, mee te doen. De ouders op hun beurt hadden eindeloos geduld, en beloonden ieder succes, iedere nieuwe kleine stap met veel enthousiasme.
Als een kind op deze manier muziekles zou krijgen, zou het niet kunnen falen, aldus Suzuki. Het grootste struikelblok voor de ontwikkeling van het kind ligt volgens hem in de omgeving, als er te snel te grote stappen van het kind verwacht worden, voor de vorige stap voldoende beheerst is.

Sinds Suzuki begon met lesgeven volgens deze inzichten hebben miljoenen kinderen over de hele wereld op een hoog niveau leren musiceren, met zoveel plezier en zelfvertrouwen dat het ontroerend is om te zien.

Niet alleen de kinderen die door hun omgeving toch al als grote talenten werden beschouwd, maar ook velen die anders waren afgehaakt hebben zich ontwikkeld tot gedreven muzikanten, als amateur of professioneel.

De ouder krijgt een actieve rol
Bij de Suzuki methode leren niet alleen de kinderen, maar ook de ouders. Zij worden uitgebreid betrokken bij het leerproces van hun kind. Aan hun de taak om iedere stap van hun eigen kind te leren zien en waarderen, en ook te begeleiden. Er wordt van hen verwacht dat ze positief en ondersteunend zijn en thuis met hun kind studeren, volgens de aanwijzingen van de docent.Op deze manier gaat de ouder nog beter begrijpen hoeveel hun kind leert, en hoe bijzonder dat is.
Voordat het kind zelf begint met de lessen, krijgt de ouder zelf een aantal lessen, om de basisbeginselen te leren, op exact dezelfde manier als het kind het later zal leren. Zo kan iedere geïnteresseerde ouder leren met zijn eigen kind te oefenen. Ook later wordt tijdens de lessen veel aandacht besteed aan hoe de ouder thuis het kind kan helpen.

Leeftijd
De ideale leeftijd om te beginnen met Suzuki vioolles verschilt per kind, maar voor sommige kinderen is dit al op 4 jaar. Er wordt altijd naar het individuele kind gekeken, waar het kind klaar voor is, wat voor hem of haar de beste manier van werken is.
Ook oudere kinderen of volwassenen die met vioolles beginnen, kunnen veel profijt hebben van de Suzuki methode. Bepaalde dingen blijven praktisch hetzelfde als bij de jonge kinderen, andere onderdelen worden aangepast. Zo leren oudere leerlingen eerder van blad te spelen en krijgen ze vanaf het begin les in het zelfstandig studeren.

Ontwikkeling van het gehoor
Een sterk ontwikkelde kant van iedere Suzukileerling is het gehoor, voor toonhoogtes en ritmes. Veel mensen denken dat dit een aangeboren kwaliteit is, waar niets meer aan te veranderen valt. De vele miljoenen kinderen en ouders die ergens op de wereld Suzuki onderwijs gevolgd hebben, bewijzen dat dit niet waar is. Er bestaan zeker grote verschillen in aanleg, maar iedereen kan zich ontwikkelen, en de mogelijkheden die hij gekregen heeft oefenen en uitbreiden.
Het muzikale gehoor ontwikkelt zich vanzelf als er in de omgeving van het kind mooie muziek is. Hierbij is herhaling zeer belangrijk. Als het kind steeds andere dingen te horen krijgt, kan het moeilijk iets onthouden of herkennen. Maar als dezelfde liedjes telkens opnieuw klinken, zuiver en in het goede ritme, dan zal het kind deze klanken steeds meer in zich opnemen.

Uiteindelijk zal het kind het liedje gaan herkennen, misschien erop gaan bewegen, en het proberen na te zingen. Dit gaat vanzelf, de ouders hoeven niets te zeggen of te verbeteren. Het enige dat nodig is, is een goed voorbeeld, het liedje.

Zo leert een kind ook praten: bepaalde woordjes worden eindeloos herhaald, tot het kind uiteindelijk zijn eerste woordje nazegt. Ook daarna volgen nog duizenden herhalingen, tot het helemaal vanzelf gaat. Langzaam komt er steeds een woordje bij, zonder dat de oude woordjes vergeten worden.

Het muzikale gehoor ontwikkelt zich dus op dezelfde manier als het kind leert praten. Heel veel luisteren is daarbij het wondermiddel.

tekst: Saskia Maas